
Comptabiliteitswet 2001
Artikel 10
1
Indien voor een dienstonderdeel van een ministerie een afwijkend beheer wenselijk is, kunnen Onze betrokken Minister en Onze Minister van Financiën, in afwijking van artikel 2, derde lid, besluiten aan dat dienstonderdeel toe te staan onder voorwaarden de begroting en de verantwoording in te richten op basis van een stelsel van baten en lasten.
2
Een zodanig besluit wordt genomen in overeenstemming met het oordeel van de ministerraad.
3
Een zodanig besluit wordt niet eerder genomen dan 30 dagen nadat het voornemen daartoe schriftelijk ter kennis is gebracht van de Tweede Kamer van de Staten-Generaal.
4
Indien binnen deze termijn door of namens de Kamer of door ten minste een vijfde van het grondwettelijk aantal leden van de Kamer de wens te kennen wordt gegeven nadere inlichtingen te ontvangen over het voorgenomen besluit, wordt het besluit niet eerder genomen dan nadat deze inlichtingen zijn verstrekt.
5
Indien de Kamer binnen 30 dagen na ontvangst van de kennisgeving of binnen 14 dagen na het verstrekken van de bedoelde inlichtingen zich uitspreekt tegen het voorgenomen besluit, wordt het besluit niet genomen.
6
Aan de schriftelijke kennisgeving, bedoeld in het derde lid, kan worden ontleend in hoeverre aan de voorwaarden, bedoeld in het eerste lid, is voldaan.
7
Onze betrokken Minister doet van een zodanig besluit kopie toekomen aan de Algemene Rekenkamer.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
- Geen resultaten gevonden voor de door u opgegeven zoek termen.